Gelukkig bestaan ze nog: ‘woordenboeken’ die je beter als boek kunt aanschaffen dan raadplegen als online naslagwerk. Ziedaar de fraai vormgegeven paperback Het woordenboek van de skepticus. Het bestaan ervan begon nota bene als (Engelstalige) website, werd daarna in het Nederlands vertaald en aangevuld door de bevlogen Vlaamse vertaler en websitebouwer Herman Boel. En nu is het dus verschenen als boek. ‘Versterkt uw natuurlijke weerstand tegen onzin en oplichterij’, adverteert de kaft met een knipoog naar de yoghurtjes. Maar het klopt wel: wat is nu een mooiere manier om kennis te maken met het rijk der pseudowetenschappen dan bladerend door een encyclopedie? Waar een mens zich op internet nog kan storen aan datgene wat ontbreekt – waar zijn Jomanda en het ‘rekenende paard’ Slimme Hans? – raak je in het boek al snel gegrepen door boeiende lemma’s over de werking van het placebo-effect of het gebed en de ins en outs van de cryptozoölogie, valse dilemma’s of ‘ondersteunende communicatie’. Met zijn nadruk op logica en redeneerfouten is Het woordenboek van de skepticus pseudowetenschap-bashing van de ‘oude stijl’, waarbij wiskunde en zuiver redeneren meer aandacht krijgen dan psychologische en neurologische valkuilen. Maar in deze tijd, waarin er aan de lopende band boeken verschijnen over de zwaktes van de menselijke geest, is dat eigenlijk wel zo prettig. Een kostelijke aanvulling op de in feite volledigere, maar inmiddels wel wat oudere encyclopedie van de pseudowetenschap Tussen waarheid en waanzin van Marcel Hulspas en Jan Willem Nienhuys. Die laatste tekende overigens voor de inleiding van het Woordenboek.