NWT Online

Fatale liefde

Biologie

Door: Maarten LooijestijnNWT nr. 9/2004

9/2004Dieren nemen levensgrote risico's tijdens de balts. Niet zelden sneuvelt er een mannetje op het slagveld dat liefde heet. Wat bezielt op seks beluste dieren om hun eigen leven op te offeren voor een kansje op nageslacht?

Guppymannetjes hebben een gevaarlijke verleidingsstrategie. Ze baltsen het liefst in het volle daglicht. Alleen zo zien vrouwtjes hun prachtige glanzende kleuren. De gup (Poecilia Reticulata) met de grootste en felste vinnen is voor hen het meest aantrekkelijk. Deze mannetjes zijn echter ook het best zichtbaar voor roofvissen en zijn dus een gemakkelijke prooi. Toch blijven guppies deze levensgevaarlijke liefdesdans uitvoeren. Is de gup een domme vis? Waarschijnlijk niet, de gup bestaat nog steeds en is zeker geen bedreigde diersoort. Het is kennelijk evolutionair aantrekkelijk om het eigen leven op het spel te zetten als de hoofdprijs voortplanting is.
            "Dansen op het slappe koord", zo omschrijft bioloog Hugo van den Dries van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen deze verleidingsstrategie. "Maar het guppymannetje kan, helaas voor hem, niet kiezen voor een minder gevaarlijke versiertruc." Het heeft voor hem geen zin om veilig in het donker te gaan baltsen. Daar zien de vrouwtjes hem niet, laat staan dat ze hem aantrekkelijk vinden. En zonder vrouwtjes geen nageslacht: juist de voorzichtige gup sterft vanzelf uit. Alleen schijnbaar roekeloze mannetjes krijgen de kans om te paren en zij krijgen ook weer nakomelingen bij wie het paarinstinct sterker is dan het overlevingsinstinct. De op het eerste gezicht onlogische gedragingen van mannetjes in de strijd om een partner zijn het resultaat van seksuele selectie.
            Vrouwtjes kiezen de vader van hun nageslacht waarvan zij denken dat hij de gezondste genen heeft. Als een wijfje paart met een seksueel aantrekkelijk mannetje, zal haar kroost waarschijnlijk niet alleen sterk en gezond zijn, zij zullen zich ook weer het succesvolst voortplanten.

            Waartoe die seksuele selectie kan leiden, weten we, want de natuur staat bol van de voorbeelden waar het mechanisme uit de bocht lijkt gevlogen, met als bekendste voorbeeld misschien wel de pauw (Pavo cristatus). De enige functie van zijn mooie lange, maar onhandige staart is het imponeren van pauwenvrouwen. Omdat de tactiek van de extravagante verentooi werkt, heeft het nageslacht ook weer langere staarten en een voorkeur daarvoor. Zo fokt de natuur onbewust op 'mooie staarten'.
            Maar wat zien vrouwenpauwen nu in zo'n onhandige staart? Hij is zo groot dat hij wel de overlevingskansen van het mannetje moet verkleinen. Door de felle kleuren kan de mannelijke pauw niet vluchten of zich verstoppen voor roofdieren. Op het eerste gezicht is de mannelijke staart een onaantrekkelijke eigenschap die je je kinderen liever niet gunt. Om een of andere reden denken vrouwtjes toch dat een mooie staart een teken is voor gezonde genen en goede overlevingskansen.
            Volgens evolutiebioloog Amotz Zahavi komt dit doordat verleidingssignalen een dure investering zijn. Ze kosten veel energie om aan te leggen en te onderhouden. Sterke verleidingssignalen zijn als het ware een handicap. Alleen zeer gezonde en sterke individuen kunnen deze handicap overwinnen. Hiermee bewijzen ze hun uitstekende conditie. Een fel verenkleed, een zwaar gewei, een harde lokroep en woeste baltsdans zijn allemaal energieverslindende en gevaarlijke handicaps. Als een dier zich desondanks staande weet te houden, laat het zien over de beste genen te beschikken.
            Deze redenering lijkt te kloppen, want ook bij de vrouwtjes is de evolutie aan het werk geweest. Vooral vrouwtjes met een voorkeur voor opzichtig gedrag en overdreven praal hebben zich succesvol voortgeplant. Waarmee het proces zichzelf versterkt: paartjes bestaande uit opvallende mannetjes en vrouwtje die zich aangetrokken voelen tot opzichtig gedrag, hebben de grootste kans op nageslacht en geven op deze manier hun genen door.

            Zo kunnen eigenschappen die schijnbaar zinloos zijn toch hun nut afwerpen. Charles Darwin schreef al in The Descent of Man and Selection in Relation to Sex: "Het is duidelijk dat deze eigenschappen het resultaat zijn van seksuele selectie omdat ongewapende versierselloze of onaantrekkelijke mannetjes evengoed de strijd met het bestaan zouden aankunnen. Dit blijkt uit het feit dat vrouwtjes, die ongewapend zijn en geen versierselen hebben, uitstekend in staat zijn te overleven."
            Van Dries: "Het hoge sterftecijfer onder mannetjes komt voort uit de verschillende voortplantingsstrategieën van mannelijke en vrouwelijke dieren. Het is van het grootste belang dat vrouwtjes de paring overleven, zij moeten immers nog zorg dragen voor het nageslacht. De mannetjes spelen echter na de bevruchting meestal geen rol meer. Zij hebben slechts een doel: zoveel mogelijk eicellen bevruchten. Na de paring zijn ze niet meer nodig. Daarom worden in bijennesten de darren ook gedood na de 'bruidsvlucht'. Ze hebben de uitgevlogen koninginnen bevrucht en daarmee hun levenstaak volbracht. Voor de kolonie zijn ze een last - ze eten het voedsel op - en worden daarom afgemaakt." 

Oplichters
De evolutie zou de evolutie niet zijn als er niet ook rovers zijn die van de versiertechnieken en manieren om een partner te vinden gebruik maken. Vuurvliegmannetjes (Photinus) knipperen in hun eigen soortspecifieke code om vrouwtjes te vinden. Als een vrouwtje met dezelfde code antwoordt, gaat hij er op af. Helaas voor deze vuurvlieg is zijn code gekraakt. De vrouwtjes van een andere soort vuurvlieg (Photuris) kunnen hetzelfde signaal afgeven om de Photinus-mannetjes te lokken. De imitator is echter niet van plan om met ze te paren, ze eet ze liever op.
            De listen om de paringsdrift van andere dieren uit te buiten zijn wijdverbreid. Ook parasieten weten op seks beluste mannetjes te foppen. De larven van de oliekever Meloe franciscanus groeperen zich zodat ze als geheel lijken op een vrouwelijke Habropada-bij en geven haar geur af. Het mannetje merkt het verschil niet en gaat op de larvengroep zitten. Terwijl hij denkt te paren, klampen de parasieten zich vast. Als het mannetje later wel met een echt Habropada-vrouwtje paart, stappen de larven over om zich te voeden aan haar stuifmeel en larven.
            Vrouwtjes zijn dus ook wel eens het slachtoffer van het spel der liefde. Een ander voorbeeld is de Australische spin Euryattus. Het vrouwtje van deze soort zit in een veilig nest, een opgerold blad dat met zijden draden in de lucht hangt. Mannetjes weten haar uit haar nest te lokken door onweerstaanbaar op die draden te spelen. De trillingen lokken het vrouwtje naar buiten voor de paring. De roofspin Portia heeft deze openingszet echter ook geleerd. Hij trommelt ook een serenade op de draad, maar zonder romantische bedoelingen. Zodra het vrouwtje nieuwsgierig naar buiten komt, wordt ze opgegeten.
            Dat de spinnenvrouwtjes zich toch buiten wagen, heeft maar één reden. Af en toe staat er wel een mannenspin voor de deur en als ze nooit open doen, krijgen ze zeker geen kinderen. Een te bang spinnenras sterft uit.




Login

Zoek

Deze maand